
De ontwikkeling van de baby of peuter staat vol mijlpalen. Iedereen die ooit het genoegen heeft gehad kinderen te krijgen, weet dat. Na zes of zeven weken de eerste herkenning, met die mollige armpjes die zich hoopvol naar je uitstrekken. Ja, dat is uniek. Dan, de eerste keer dat er iets anders dan melk in dat tandeloze bekkie verdwijnt, beslist een mijlpaal. Ook het zitten, dat vervolgens verandert in staan en tenslotte in de eerste stapjes. Het is een prachtig moment als grappige kreetjes in heuse woorden en dan al snel in zinnen veranderen…
Maar wie verwacht van een kind van twee en een half dat zij kan delen? Ik in elk geval niet.
De verkoudheid waar ons oppaskindje last van heeft, heeft als gevolg dat er onsmakelijk uitziende, geelbruine prutjes, die zij ‘bogeys’ noemt, ontstaan. Kennelijk is zij van huis uit gewend dat de ouder die eventjes verwijdert. Tijdens mijn wekelijkse oppasuurtje vroeg ze dit aan mij. Ik wilde graag aan haar verwachtingen voldoen, dus daarom deed ik mijn uiterste best om haar ter wille te zijn. Ik ben echter helaas geen professioneel bogey-verwijderaar en slaagde er niet in het ding uit haar neusje te krijgen. Daarom kwam het er op neer dat ze het zelf maar even moest proberen. Zij beschikt kennelijk over meer ervaring of meer talent, want onze slimme peuter wist er maar liefst twee los te wrikken. Even keek ze naar haar vonst en toen maakte ze een primeur door de uitspraak:
“Hier is er ook één voor jou!”